Praktijk in de school

Twee jaar geleden kwam het Limburgse Arcus College voor de uitdaging te staan om 700 uur Begeleide Onderwijstijd binnen de opleiding te verzorgen. Door bevoegde docenten, in loondienst van het roc. Dat was een uitdaging. Mbo’ers zijn namelijk doeners. Ze steken het meest op in de praktijk, niet zozeer van (hoor)colleges. Arcus College bedacht een manier om lessen aantrekkelijker te maken, meer praktijk in de klas te krijgen en toch te voldoen aan de wet- en regelgeving.

Praktijk in de school

Er was niet voldoende formatie om de docenten van Arcus College naar een van de nabijgelegen zorginstellingen te sturen om daar les te geven. Het onderwijsteam besloot dan ook dat de praktijk in de klas moest komen. Maar hoe?

Als de lesuren worden geïntensiveerd, moet je kijken hoe je het leuk houdt voor je studenten. Juist om ervoor te zorgen dat ze hun diploma halen. Onderwijsmanager Ank Jeurissen: ‘We moesten echt “omdenken”. Sommige leraren vonden het bijvoorbeeld lastig om hun onderwijs anders in te vullen.’

pasfoto Ank Jeurissen

Ank Jeurissen

Het onderwijsteam werd versterkt met docenten van de omliggende zorginstellingen. ‘Deze mensen hadden al een bevoegdheid. Bijvoorbeeld omdat ze in de instelling al actief waren als praktijkbegeleider/praktijkdocent.’

Hierdoor kregen de leraren van de school, die gewend waren aan meer traditioneel lesgeven, een impuls om het over een andere boeg te gooien.

Als de lesuren worden geïntensiveerd, moet je kijken hoe je het leuk houdt voor je studenten

Speciale kleding

De school experimenteerde met nieuwe werkvormen. Colleges werden gefilmd, zodat studenten de lessen via de laptop konden terugkijken. Er werd speciale kleding aangeschaft, zoals een simulatiepak met een handschoen die schokjes afgeeft. Zo ervaren studenten wat het is om een tremor te hebben, een van de verschijnselen van de ziekte van Parkinson. Of een verzwaard pak, zodat je voelt hoe het is om slecht te kunnen bewegen. Een bril om onder meer tunnelvisie na te bootsen, en een koptelefoon met bijvoorbeeld een constante pieptoon. De school schafte ook oefenpoppen aan met mogelijkheden om via een computer de werkelijkheid na te bootsen, en bijvoorbeeld de ademhaling te laten stoppen of de bloeddruk stijgen. Rollenspellen leren studenten om te gaan met specifieke aandoeningen, zoals depressies. Hiervoor huurt Arcus College acteurs/simulatiepatiënten in.

Spannende en leuke zoektocht

Voordat dit alles werd ingevoerd, onderzocht het onderwijskundig team van Arcus College wat er binnen de regelgeving mogelijk was. ‘Een spannende, maar ook leuke zoektocht waarbij je natuurlijk de grenzen opzoekt.’

Zelf heeft Jeurissen de Onderwijsinspectie niet over de vloer gehad, maar een collega van haar wel. ‘De Inspectie kijkt of de kwaliteit van je onderwijs goed is geregeld. Je moet dus een goed plan hebben en de verantwoording moet op orde zijn.’

Niet bevoegde docenten

Het Arcus College werkt niet alleen met bevoegde docenten. De acteurs en ervaringsdeskundigen – waar de school ook mee werkt - hebben geen onderwijskundige ervaring. Hoe ga je daarmee om? ‘We hebben ervoor gezorgd dat er altijd een bevoegde docent op loopafstand beschikbaar is en fungeert als supervisor. Hij of zij neemt ook regelmatig een kijkje in de klas.’

Een aantal docenten geeft nog wel traditioneel les. Een bewuste keuze, zegt Jeurissen: ‘Colleges doen het nog steeds goed bij een aantal studenten. De nieuwe methode past niet bij iedereen.’

Onze studenten zijn "onderzoekender" geworden

Op onderzoek uit

Wat levert dit nu op? ‘Onze studenten vinden de praktijklessen erg leuk. Het is een goede basis om je diploma te halen en een baan te vinden. We doen dit nu twee jaar, dus ik kan dit nog niet staven met harde cijfers. Wel horen we uit de praktijk dat onze studenten “onderzoekender” zijn geworden. Ze vragen niet steeds aan de stagebegeleider hoe dit of dat zit, maar gaan zelf op onderzoek uit.’

Begeleide Onderwijstijd

In het kader van de flexibilisering van het onderwijs heeft minister Bussemaker van OCW gezegd dat onderwijsuren geen doel op zich zijn. De urennorm staat in dienst van kwalitatief goed onderwijs. Daarom is het sinds 1 augustus 2014 mogelijk om af te wijken van de urennorm. Er mogen minder uren aan Begeleide Onderwijstijd (BOT) besteed worden dan wettelijk is vastgelegd. Als een onderwijsinstelling het belangrijk vindt voor de onderwijskwaliteit om studenten op een andere manier te onderwijzen dan via BOT, mag dat. Daaraan zijn echter wel voorwaarden verbonden. De MBO-Raad heeft in samenwerking met het ministerie van OCW en de Inspectie een document opgesteld. Daar zijn de regels rondom BOT uitgebreid beschreven. Dit document is te vinden in het dossier onderwijstijd.

Gerelateerd aan