‹ Terug naar alle regionale pacten
  • Home
  • Leren in de praktijk: de projectleider is een netwerker

Leren in de praktijk: de projectleider is een netwerker

Een succesvolle projectleider legt en onderhoudt de verbindingen tussen studenten, professionals en bestuurders van de betrokken zorg- en onderwijsinstellingen. Maar hoe doe je dat? En hoe maak je van die samenwerking een lerende community? En als je daarin geslaagd bent, lukt het je dan ook om het samenwerkingsinitiatief door te laten gaan als de projectfase ophoudt? Om antwoorden op deze vragen te krijgen kwamen geïnteresseerden uit de Zorgpactcommunity bij Sparkcentres in Nijmegen bijeen voor de derde werksessie uit de serie ‘Leren in de praktijk’.

Leren in de praktijk: de projectleider is een netwerker

Projectleiden: niet managen maar leiderschap vertonen

‘We leven in een tijd waarin de lineair ontwikkelde projectplannen de eindstreep nooit halen’, aldus Hessielle van Dam, projectleider ZorgtrainingscentrumZwolle per videoboodschap. Hoe komt dat? Omdat we vooraf niet kunnen voorspellen welke veranderingen er plaatsvinden. Een project is per definitie complex en is niet tot in detail te overzien. Daarom voldoet het niet langer om te willen managen maar zullen we leiderschap moeten vertonen.’

Hoe werkt dat?

Volgens Ivo Hendriks, programmamanager van Koploper Sparkcentres, is het voor een projectleider de kunst om zoveel mogelijk betrokkenen te begeleiden bij het meegaan in veranderingen. Bij Sparkcentres komen onderwijs, onderzoek, ondernemerschap en praktijk bij elkaar. Om duidelijk te maken wat dit in de praktijk betekent organiseerde hij een bustour langs een aantal centra: ‘Ergens over praten, is toch heel anders dan een bezoek brengen. Deelnemers aan de bustour begrijpen veel beter waar het over gaat.’

Hendriks pleit verder voor een sociale netwerkanalyse: onderzoek wie het meest te zeggen heeft. Waar ligt de grootste invloedssfeer? Als je dat weet, is het makkelijker om het hiërarchisch goed te organiseren. Veranderingen die zich op gelijkwaardig niveau binnen of buiten een organisatie afspelen, hebben weinig sturing nodig. Daar verloopt de uitwisseling op een natuurlijke wijze: mensen zoeken elkaar op. Bij veranderingen die de leiding in de organisatie doorvoert ligt miscommunicatie al snel op de loer. Bestuurders praten nu eenmaal niet gemakkelijk met de werkvloer. Het is de taak van de projectleider de voortgang te bewaken door de betrokkenen met elkaar af te stemmen.

Randvoorwaarden voor vooruitgang

Jos Sanders, Lector Hogeschool Arnhem en Nijmegen, wijst op het belang van de 5 'R-en' van leiderschap waarmee je als projectleider beter onderwijs en betere zorg realiseert: zorg voor Richting (taken van de toekomst), creëer Ruimte (tijd en geld), zorg voor Ruggensteun (leerklimaat), bouw Rust in (balans in onderwijs en zorgorganisatie) en werk in de Regio aan leergemeenschap.

De dialoog is de meest effectieve vorm van projectleiden

Een projectleider begeeft zich in sterk uiteenlopende groepen van bestuurders, managers en uitvoerenden die allen een andere taal spreken. Hendriks: ‘Het is niet eenvoudig maar wel noodzakelijk je in de taal en cultuur van de ander te verdiepen. Een hoogleraar benader je nu eenmaal anders dan een gemeenteambtenaar.’

Positieve houding

‘Een goeie programmaleider ziet geen crises, alleen maar mogelijkheden.’ Alice Bakker programmamanager van Fieldlabs 'Zorg in de Wijk in de 21e eeuw' onderstreept het belang van een positieve houding. ‘Om verandering te bewerkstelligen moet je het bestaande evenwicht verstoren, discussies aangaan, mensen op verantwoordelijkheden aanspreken. Dat roept weerstand op: “Daar heb je haar weer!” zie ik mensen vaak denken. Van teveel weerstand raak je moedeloos. Probeer dat te voorkomen door jezelf verantwoordelijk te maken voor een opgeruimde sfeer: ik vond dat er elke vergadering minimaal drie keer gelachen moest worden. Geloof me, dat werkt!’

Tips

  • Zorg dat je continu op de hoogte blijft van zaken en je ermee ‘bemoeit’. Blijf alle betrokkenen informeren ook al lijkt dat soms niet nodig. Sluit aan bij overleggen, laat overal je gezicht zien.
  • Creëer sociale context waarbinnen mensen het initiatief kunnen vergelijken: Benoem de voordelen. Geef sprekende andere voorbeelden, dan gaat het leven en worden mensen enthousiast.
  • Zorg dat je belangen gaat stapelen. Iemand kan een heel ander belang hebben, maar dat kan wel gestapeld worden. Zo creëer je draagkracht.
  • Geef je project de tijd en verlies het belang van gemeenschappelijkheid niet uit het oog. Heb een lange adem en geef niet op.
  • Gebruik een tijdslijn als methodiek, om de resultaten bij te houden maar ook om inzichtelijk te maken wat de hoogtepunten en crises waren. Dat geeft overzicht en helderheid.